Spel waarbij iedereen een undercover spion speelt.
Je geeft andere mensen opdrachten die ze moeten vervullen. (Je kan jezelf geen opdracht geven, want je denkt dat jij de spionnen master bent). Oftewel: iedereen speelt een spion met waanbeelden. Ze krijgen opdrachten, maar denken dat ze zelf ook de baas zijn over anderen.
Je kunt een spion zijn, maar ook een dubbelspion, of triple spion, en zo voort.
Hoe geven we dit weer in het spel?
- Iedere speler heeft een stapel kaarten met “covers” of “identiteiten”.
- De kaart helemaal onderaan is je “echte identiteit”.
Je kunt dan ook elkaar “covers” geven om te gebruiken voor een bepaalde opdracht?
Naast “covers” kun je ook andere “geheimen” van jouw organisatie in zo’n stapel leggen (van jezelf of een andere speler). Dit heet “infiltreren”.
- Je mag zelf kiezen hoe diep je infiltreert ( = waar je de kaart erin steekt).
- Je mag dan alle covers boven die plek zien van de andere speler.
- Maar als er een JE BENT GESNAPT! kaart tussen die covers zit, tja, dan ben je gesnapt tijdens het infiltreren en verlies je zelf een groot deel van je coverstapel.
IDEE: Je kunt een inval doen, en al jouw “allies” moeten je dan helpen. Als ze je tegenwerken (met een slechte/negatieve kaart), kan je natuurlijk twijfelen aan hun alliantie, maar misschien hadden ze niks anders.
IDEE: Je kunt elkaar helpen met “gadgets”. Die kunnen dus positief zijn, of negatief (magnetisch zwaard – je snijdt per ongeluk je eigen riem).
OOK LEUK: Een soort “afluister” mechaniek. Waarbij de kaarten in een cirkel in het midden van de tafel liggen, voor iedereen te bereiken, en terwijl de rest de ogen dicht doet mag één iemand bij zijn slachtoffer afluisteren. Op deze manier weet je ook niet wie bij wie afluistert.